Recensie: Avengers: Infinity War

Ik heb hier tien jaar naar uitgekeken. In  mijn vorige recensie van Black Panther heb ik al met iets te veel trots verteld dat ik elke Marvel-film tot nu toe in de bioscoop heb gezien. Met de meest recente film, Avengers: Infinity War, wordt die consistentie en dat doorzettingsvermogen beloond. De film is een traktatie voor de fans, een liefdesbrief aan de gekte die in de stripboeken van de Marvel-stal voorkomt, maar het is bovenal het meest ambitieuze filmproject aller tijden. Oh ja, spoilers.

De premisse van de film is dodelijk simpel, na dat een aantal van de zes infinity gems door de films heen geteased zijn, besluit de paarshoofdige tiran Thanos ze allemaal te verzamelen en in een handschoen te drukken, zodat hij met de knip van een vinger precies de helft van het universum kan uitroeien, waaronder uiteraard een aantal leden van de titulaire Avengers. In Thanos (Josh Brolin) heeft Infinity War ook zijn hoofdpersoon gevonden, me dunkt. Want geen enkel karakter krijgt zowel de spotlight of maakt zoveel ontwikkeling door als deze Mad Titan himself. Hierbij moet ook het petje afgenomen worden voor de sfx-afdeling, want ondanks dat Thanos gemocapped is, lijkt hij angstwekkend echt. Tegelijkertijd is het ook indrukwekkend dat hij als überschurk van het MCU (Marvel Cinematic Universe) toch nog sympathie weet op te wekken bij de kijkers, puur omdat zijn beweegredenen en zijn acteerwerk gewoon zo fucking goed zijn.

In zichzelf presenteren heeft deze film zich overigens overtroffen, want deze film is het cinematografische equivalent van je hele speelgoedkist leegmieteren en al het speelgoed dat maar voor handen ligt tegen elkaar aan gooien. Alle karakters, van zowel de hoofdpersonen tot de bijpersonen, krijgen hun momentje om te shinen, vrijwel geen enkel karakter wordt vergeten (sorry Hawkeye) en de dreiging van een genocidale barabapapa brengt de helden, met wie we over de koers van tien jaar immens vertrouwd zijn geraakt) in de meest bizarre combinaties bij elkaar. Zo botsen de ego’s van Iron Man (Robert Downey Jr.) en Doctor Strange (Benedict Cumberbatch) heerlijk met elkaar, en heeft de film echt de perfecte gelegenheid voor een ietwat geforceerde ‘no shit Sherlock’-grap laten liggen. Het trio van Thor (Chris Hemsworth) Rocket (Bradley Cooper) en een gigantische dwerg die in een vlaag van totale verrassing gespeeld wordt door Peter Dinklage, neemt toch een beetje druk van de ketel als het op het allergrootste conflict ooit aankomt, wat wel heel erg fijn is voor de kijker, want het is wel erg veel film voor een film. Er gaat geen minuut voorbij zonder grandioos gevecht of een gevatte opmerking van een van de honderd veel te gevatte, veel te aantrekkelijke mensen, wat – in combinatie met de speelduur van twee-en-een-half-uur – wel erg overdonderend kan zijn.

Het uitgebreide, tot in de puntjes uitgedachte marketing- en productieplan van Marvel Studios ontdoet de film echter op een meta-niveau van haar kracht. Het is moeilijk om een sterfgeval van een karakter in deze film heel erg serieus te nemen als het vervolg op de immens succesvolle film van dit karakter als ruimschoots is aangekondigd, en al helemaal als dit voor meer van de helft van de loodjes die gelegd worden geldt. Natuurlijk, de zaal bleef in volkomen stilte achter toen de even stille credits in een sober wit op zwart begonnen te rollen, maar als je na drie minuten al hebt geconcludeerd dat de zogenaamd verloren karakters allemaal terugkomen in Avengers 4: Het Grote Vervolg Zonder Titel Omdat We De Spanning Erin Willen Houden, dan voelt dat toch een beetje als er achterkomen dat je scharrel een push-up BH draagt. De echte grote, harde klappen blijven liggen in deze prachtige orgie van stripboek-cinema, en het is ook zeker een mijlpaal in de filmgeschiedenis om zo’n enorm gedeeld filmuniversum op poten te zetten – maar Marvel moet misschien toch een stapje terug doen en iets meer de verrassing willen houden als ze nog een toekomst willen zien met hun plannen.

 

 

Reageer ook