Het leven van een Groningse rockstar

De meeste studenten kennen hem waarschijnlijk niet, maar in de Groningse muziekscene is hij een legende: Lourens Leeuw. Al ruim 55 jaar treedt deze Groninger op, en over hem wordt wel gezegd dat hij de popmuziek naar Groningen heeft gebracht. Hij speelde in het voorprogramma van The Rolling Stones, samen met Herman Brood en op Pinkpop. De Studentenkrant sprak hem over zijn wilde jaren als muzikant in Groningen.

Hoe is het allemaal begonnen, je carrière als rockstar in Groningen?

‘Nou, ik ben op mijn veertiende met school gestopt, ik ging liever werken. En elke lunchpauze ging ik naar huis om te oefenen, minstens een halfuur per dag. Ik leerde mezelf gitaarspelen door nummers van de radio op te nemen, met zo’n bandrecorder, en eindeloos na te spelen. Ik heb een heel goed gehoor, dat is mijn geluk geweest. Op een dag liep ik met m’n gitaar door het Noorderplantsoen, en zag ik een andere jongen op een bankje gitaar spelen. Ik heb toen wat met hem gespeeld, en uiteindelijk richtten we met wat andere jongens een band op, The Rocking Tigers. Langzaam maar zeker werden we steeds bekender. Toen ik vijftien was gingen we naar Duitsland om op te treden. We zeiden maar dat ik zestien was, anders mocht ik daar niet eens het podium op. ‘

Heb je ook voor studenten opgetreden?

‘Jazeker. Veel bij Cleopatra, bij Vera maar ook bij Albertus en Vindicat. Dat houd je niet voor mogelijk wat daar (bij Vindicat, red.) allemaal gebeurde. In 1965 ging prinses Margriet bijvoorbeeld met Pieter van Vollenhoven, die waren daar stiekem, want het was toen nog geheim dat zij samen waren. Ik trad toen op bij Vindicat, zij waren aan het dansen, en toen vroeg zij aan mij of ik I follow the sun van The Beatles nog een keer wilde spelen. Dat was trouwens nog best een net feest maar ik heb daar dingen gezien… Een andere keer moest ik daar vanwege de veiligheid in een soort kooi spelen, achter tralies, omdat ze daar binnen vuurwerk wilde afsteken. Stonden wij daar midden in de rook te spelen. Bleek achteraf dat er 40.000 euro schade was. Maar goed, dat zijn ook allemaal rijkeluiskindjes natuurlijk.’

Leidde je ook een wild muzikantenleven?

‘Nou, ik was wel een beetje een uitzondering. Ik rookte dan wel, maar gebruikte geen speed of dat soort dingen. Ik probeerde altijd de kick uit de muziek te halen. Ik speelde bijvoorbeeld met Herman Brood een tijd, die gebruikte wel alles wat God verboden heeft. De eerste keer dat ik iemand coke zag gebruiken was in 1966, toen speelden wij in het voorprogramma van The Pretty Things, zij waren toen populairder dan The Stones. Toen kwam ik in de kleedkamer en zag ik allemaal van die lijntjes liggen. En ik dacht eerst, waarom ligt daar wasmiddel?

‘Maar ik heb ook weleens wat gebruikt hoor. Bij de apotheek kon je van die vermageringspillen halen waar ook speed in zat. Dus als je een paar van die tabletjes nam, dan ging je de hele nacht door zonder te slapen. Een keer speelde ik op een driedaags festival in Utrecht. Toen had ik ook wat van dat spul gebruikt. Nou, we hebben twee nachten achter elkaar doorgehaald! En toen ik thuiskwam, na drie dagen, had ik enorme blaren onder m’n voeten, omdat ik van die laarsjes droeg. Niks van gemerkt.’

Wat is het bijzonderste dat je als muzikant hebt meegemaakt?

‘Ik zat een keer in een kroeg, toen Asterid, een zangeresje, naar mij toe kwam en zei: ‘‘weet je wie daar zit? Dat is Mick Taylor van The Stones.’’ Die had een Groningse studente als vriendinnetje. Ze wilde per sé naar hem toe, dus zijn erheen gegaan en hebben even gepraat. We nodigden hem uit om een keer mee te spelen. Hij zei: ‘‘Well, maybe’’, en ik geloofde eigenlijk al niet dat hij geïnteresseerd was, maar een week later kwam hij opeens binnen. Hij wilde meespelen maar alleen op voorwaarde dat we niet zouden zeggen wie hij was, hij wilde anoniem zou blijven. Dat is wel leuk, later hebben we nog weleens bij mij thuis gerepeteerd, hij heeft hier zelfs een keer op de bank geslapen. Met hem heb ik af en toe nog wel contact. Hij woont nu in Drenthe, met zijn vriendin van toen.’

 Is Groningen erg veranderd door de jaren heen?

‘Jawel, het is nu anders dan vroeger. Je had toen bepaalde kroegen, daar kwamen kunstenaars, mensen van Minerva en muzikanten. Die sfeer, die mis ik nu wel een beetje. Dat is er nu niet zoveel meer. Heel veel muzikanten van toen zie je nu niet meer. Wij (Lourens en zijn vriendin Ans, red.) zijn zo’n beetje de enige die ’s avonds nog de kroeg in gaan. Het is nu ook moeilijker geworden voor muzikanten in Groningen. Je verdient veel minder dan vroeger, toen verdiende je altijd wel een redelijk weekloon met muziek. Over het algemeen kon ik er altijd wel van leven, maar ik had ook weinig nodig. Ik betaalde vijftig gulden in de maand voor een kamer. Dat is nu in verhouding allemaal veel duurder geworden. Er zijn nu ook veel meer mensen die goed kunnen spelen. Het is makkelijker geworden, via de computer kun je jezelf heel goed leren spelen. Er zijn veel meer bandjes en veel minder plekken waar ze kunnen spelen.’

Er is ondertussen zelfs een boek over je geschreven, je wordt nog steeds vaak uitgenodigd om op te treden. Vind je zelf dat je veel bereikt hebt als muzikant?

Met een lachje: ‘Ik zeg zelf altijd: ik ben wereldberoemd in Groningen.’