KEI alcoholvrij

KEI-week-alcoholvrij

Sinds 1 januari mogen jongeren onder de achttien jaar geen alcohol meer drinken. Voor de meesten van ons geen probleem, maar er zijn wel degelijk studenten die door de nieuwe wet getroffen worden. Vooral aan het begin van elk studiejaar zijn er veel eerstejaars die nog niet meerderjarig zijn. Pech voor hen misschien, maar ook een structureel probleem voor de organisatie van de KEI-week. Wat te doen nu een deel van de KEI-lopers verplicht nuchter moet blijven? Reden genoeg om in gesprek te gaan met het KEI-bestuur en ze te vragen naar hun plannen.

Voorzitter Max Dannenburg vertelt direct dat het omgaan met de nieuwe alcoholwet één van de grootste prioriteiten is van het huidige bestuur. ‘We zijn er gelijk opgesprongen, als één van de eerste dingen die we deden.’ Dat mag ook wel, want uit cijfers van het afgelopen jaar blijkt dat ruim vijftien procent van de deelnemers nog geen achttien jaar was. Dat is een aanzienlijke minderheid, die niet buiten de boot mag vallen bij het programma van de aankomende KEI-week. Vooral voor traditionele activiteiten als de kroegentocht – waar alcohol tot nu toe steeds rijkelijk gevloeid heeft – zal een oplossing moeten worden gevonden.

Geen zorgen, de kroegentocht en andere klassieke KEI-activiteiten blijven gewoon bestaan. In plaats van het programma aan te passen, heeft het bestuur gekozen voor streng toezicht op de alcoholconsumptie. De nadruk komt daarbij te liggen op de polsbandjes die KEI-lopers volgens goed gebruik altijd dragen. ‘Dat is een heel goed wapen dat we hebben,’ aldus Dannenburg. Het systeem is simpel: iedereen die nog geen achttien is, krijgt een polsbandje in een andere kleur dan die van de meerderjarige deelnemers, waardoor barpersoneel in één oogopslag kan zien of iemand alcohol mag of niet. Probleem opgelost.

Tenminste, dat is te hopen. Want niet alles ligt in handen van het KEI-bestuur. De organisatie schenkt zelf de drank tijdens de openbare evenementen, maar de KEI-week heeft ook genoeg activiteiten die door derden worden georganiseerd en waar het bestuur in principe geen controle over heeft. Bovendien kan er vrij makkelijk gefraudeerd worden met het polsbandjes-systeem, door bijvoorbeeld een KEI-leider bier te laten halen voor een minderjarige KEI-loper. Hoe denkt het bestuur daarmee om te gaan?
Om precies deze redenen wordt er dit jaar ook veel gedaan aan voorlichting. KEI-leiders zullen voor het eerst een gids uitgereikt krijgen, waarin hen onder meer op het hart wordt gedrukt om zich aan de nieuwe regelgeving te houden. Ook KEI-lopers zelf zullen voorlichting krijgen, bijvoorbeeld in de informatiefolders die ze aan het begin van de week krijgen uitgedeeld. Om groepsdruk te voorkomen zal er bovendien voor worden gezorgd dat minderjarige KEI-lopers steeds met minimaal vijf lotgenoten in een KEI-groepje belanden. Zo hoopt het bestuur dat alles straks in augustus gestroomlijnd zal verlopen.

In principe is al die extra voorlichting echter niet nodig. De organisatie van de KEI-week is wettelijk gezien niet verantwoordelijk voor de acties van individuele KEI-lopers. Maar toch voelt het bestuur zich wel verantwoordelijk. Om die reden hebben ze ook besloten nauw samen te werken met de gemeente en de GGD en al hun plannen eerst door hen te laten goedkeuren. Met deze aanpak heeft het bestuur er het volste vertrouwen in dat studenten zich naar de nieuwe wet zullen schikken. Tijdens de KEI-week, maar ook erna. Dannenburg benadrukt: ‘We willen niet alleen bewustwording creëren voor tijdens de KEI-week, maar gewoon voor je hele leven tot je achttien bent.’