Waar wetenschap de rijm ontmoet: Science Slam

In de wereld van de voordrachtskunst zijn er genoeg vreemde eendjes in de bijt. Een daarvan is de Science Slam, een type Poetry Slam waarin dichters aan PHD’ers gekoppeld worden en ze binnen een paar uur een gedicht over het onderzoek op poten moeten zetten. Het warme van de poëzie ontmoet de kilte van de wetenschap voor de derde keer in het theater van de USVA.

Onze redactie was goed vertegenwoordigd dit jaar, naast mijzelf (titelverdediger) deed ook ons nieuwe redactielid en dichter in de dop Olivier mee. De onderwerpen van de onderzoeken liepen enorm uiteen: van hoe om te gaan met water tot hoe breinen met elkaar communiceren, van problemen in de Balkan tot nieren en van filosofie in het onderwijs tot hoe men het beste kan omgaan met aardbevingen. Naast de onderzoeken waren ook de stijlen van dichten erg uiteenlopend. Er waren de ingetogen, voorzichtige dichters en de schreeuwende spraakwatervallen die de woorden nog harder aan laten komen dan je banksaldo na een nachtje flink stappen. De regels waren vrij eenvoudig: zowel de onderzoeker als de dichter moesten wat voordragen, de tekst mocht maximaal vijf minuten zijn en voor de rest was het helemaal vrij spel. Zo haalde iemand er een powerpointpresentatie bij, iemand anders zette de muzikant Joost Dijkema in en weer iemand anders liet het publiek zelfs meedoen. Waar er bij de eerste science slam nog twee mensen ietwat ongemakkelijk zonder microfoon stonden te stoethaspelen, was men deze keer ten volste bereid om het theater in te zetten met lichtplannen, beweging, plaatsen op het podium en meer theatrale shenanigans.

Ook de dichters waren meer ervaren, waar men vorig jaar nog een beetje aftaste, zaten er dit jaar meerdere veteranen in de dichterslinie. Er was zelfs een onderzoeker die nog een keer meedeed. Wat dat betreft is poëzie net als cocaïne, als je er eenmaal aan begint kom je er niet meer vanaf en er zit ook een trema in beide woorden. Een aantal deelnemers waren er zelfs op gebrand om de regerend kampioen te onttronen, wat hun poëzie nog vuriger en sterker maakte.

Het niveau van de gedichten zelf was echter, zoals altijd, wisselend. Er staan altijd wat PHD’ers ietwat ongemakkelijk op de planken en de tijdsdruk speelt ook de meeste poëzie parten. Soms klikte het ook gewoon niet tussen dichter en PHD’er, althans niet op tekstueel vlak. Toch was al wel vrij snel de winnaar duidelijk, ondanks dat ik mijn titel met verve probeerde te verdedigen, in het Engels welteverstaan, greep ondergetekende op twee stemmen na net naast het goud, en zag ik de eerste plaats volkomen terecht naar Mauricio Plat gaan. Deze dichter bracht zijn poëzie maximaal theatraal zonder grotesk te worden, wist te schreeuwen zonder het te groot te maken, gebruikte licht, geluid en muziek en wist ondanks alles het toch heel persoonlijk te houden. Niets meer dan lof voor deze jonge dichter die voor het komende jaar de Science Slam troon bezit. Uiteindelijk was het een zeer gevarieerde avond voor eenieder die van poëzie, wetenschap en alles daartussenin houdt, en uiteindelijk waren we allemaal verliezers, want:

You could’ve been a bum

You could’ve been a knight

Instead you’re sitting, watching

fucking poetry tonight

Tot volgend jaar dan maar weer.

Foto: Richard Nobbe vorig jaar op het NK Poetry Slam


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *