Reepies met beesies

Misschien heb je ze al zien staan toen je ‘s ochtends een bakkie pleur haalde of tijdens de lunch door de kantine snelde: de vrolijk gekleurde proteinbars, netjes opgesteld naast de kassajuffrouw. Als fitgirl in hart en nieren kwam ook ik laatst akelig dichtbij de aankoop van zo’n aantrekkelijke reep. Maar bij nadere inspectie viel toch net op tijd iets op. Staat er nou een krekel op de verpakking?

Jawel mensen, het is heus. In verschillende RUG-kantines zijn ze vanaf dit studiejaar te krijgen: energierepen met insecten. Ik dacht alles wel gezien te hebben in de wereld, maar toch gingen mijn nekharen wel even overeind staan bij de gedachte aan een hap meelwormen op de vroege morgen. Ik vroeg me gelijk af of ik de enige zou zijn met deze afkeer. Weten mensen überhaupt dat er insecten in die dingen zitten? Ik nam de proef op de som en zocht het uit.

Te beginnen bij het bedrijf van de repen zelf, Jimini’s, want waarom nou insecten? Op hun website blijkt al snel dat er wel degelijk is nagedacht over dit product. Het bedrijf blijkt op een duistere missie: het wil ons massaal insecten laten eten, te beginnen met een onschuldig reepie. Volgens hen zijn insecten een duurzame voedselbron en bevatten ze ook nog veel belangrijke voedingsstoffen.Dat wordt bevestigd door het voedingscentrum (je weet wel, van de schijf van vijf, dus als zij het zeggen, is het waar).

Na even doorzoeken blijkt dat mijn weerzin misschien ietswat bekrompen is, want wereldwijd eten zo’n 2 miljard mensen al eeuwenlang insecten. Alsof het niks is, hoppa gewoon eventjes wat bijtjes, miertjes of rupsje op je bord. Kan gewoon. Maargoed, dat het kan is natuurlijk geen reden om er niet een beetje van te gruwelen. Koeienhersenen of schapendarmen staan ook nog steeds niet op mijn bucketlist. Hoe staan mijn medestudenten daarin?

Ik koop drie reepjes in verschillende kleuren, haal ze uit de verpakking, ruik er eens aan, kijk er eens naar en moet toegeven dat er niet veel verdachts of bijzonders te ontdekken valt. Er steken geen pootjes uit en het ruikt niet naar rottend vlees (wat had ik dan gedacht?). Ik zou bijna een hap nemen, maar iets in mijn hoofd blokkeert toch bij de gedachte aan beestjes. Met mijn liefste glimlach stap ik af op een groepje studenten bij de kassa met de vraag of zij dan alsjeblieft even voor mij willen proeven.

Twee van de vier zien de reep en lijken niet eens te twijfelen. Het oordeel? “Hmm, lekker. Het smaakt naar fruit, net als een gewone proteinbar.” Twee meiden nemen snel een grote stap afstand en kijken giechelend en ietswat gruwelend toe. Waarom ze niet willen proeven? “Het is een eng en naar idee.”

Mijn verwachting is dat de meeste mensen het alleen proeven, omdat ik het nog net niet door hun strot dauw, maar het tegendeel blijkt waar. Volgens de kassajuffrouw in het Academiegebouw verkopen de repen erg goed. Ook in de harmonie gaan ze als glibberige, krioelende broodjes over de toonbank. Daar verkoopt het volgens het personeel net zo goed als de gebruikelijke brownie of chocoladereep bij de koffie. Ongelooflijk.

Tot slot bel ik nog even met onze goeie vriend Beijk Catering, de voedermoeder van de RUG kantines. Daar wordt me verteld dat de insectenreep een uitprobeersel is. Volgens Beijk past insecten eten in een gezond en duurzaam eetpatroon èn bevatten de repen veel eiwitten, wat de gemiddelde gymjunky-student wel zou moeten aanspreken. Bovendien zijn studenten altijd wel te porren voor iets nieuws en geks (ja toch!?).

Ik moet eerlijk, en een beetje beschaamd, bekennen dat ik nog steeds geen hap geproefd heb. Het intrigeert me hoe de gedachte aan het eten van insecten bij mij blijkbaar een enorme mental error opwekt. Jammer eigenlijk, want het lijkt inderdaad voedsel van de toekomst te zijn. Het idee van de insectenrepen vind ik daarom eigenlijk wel goed gevonden, want zoals met alles wat eng is, moet je nooit gelijk in het diepe springen. Pootje baden en dan langzaam steeds dieper het water in, tot je de kou niet meer voelt.

Misschien moet ik mezelf er toch maar eens op trakteren. Dan kan ik volgende maand door naar stap 2: Nootjes met Pootjes. Ik heb ze al in de supermarkt zien liggen, de zaterdagavondsnacks van de toekomst: een bakje vol pinda’s en meelwormen. Jummy!

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.