De geschiedenis van de SK: Een fout oorlogsverleden

the-great-dictator

De Studentenkrant is in het oorlogsjaar 1941 ontstaan als Der Groninger Studentenkrant en was, met als oprichter Günter Göring niet geheel onverwacht, volstrekt fout in de oorlog. Hoewel het dus wél oorlog was, had deze man geen oorlog nodig om fout te zijn. Geruchten gingen dat hij als kind een priester heeft misbruikt. Göring voerde het levensmotto ‘Ik heb nooit ergens bij willen horen, mensen hebben altijd bij mij willen horen’. Op de eerste dag van de bezetting werd Göring lid van de NSB.

Göring was overigens geen familie van de bekendere Hermann Göring, hoewel hij zich daar wel voor uitgaf bij de NSB. Hij schreef zichzelf vaak brieven ondertekend met Hermann Göring, die hij dan liet zien aan zijn weinige vrienden.

Göring was een genie, maar invalide op het gebied van werklust. Zijn notoire werkschuwheid kreeg hem, zelfs als fanatiek NSB-lid, ontslagen bij het, toentertijd fout, Nieuwsblad van het Noorden, waar hij werkzaam was als journalist. In februari 1941, richtte Günter het stralende oog van zijn psyche opwaarts en besloot tot het uitgeven van zijn eigen krant om verdere afwijzingen als journalist te vermijden. Zo ontstond de Groninger Studentenkrant.

Gevestigd op de zolder van het Scholtenhuis, was de krant geen succes en, met een vrijwel compleet ongelezen oplage van 20.000 kranten, een geoliede machine van kapitaalvernietiging. Adverteerders bleven weg en de financiën waren zeer problematisch. De financiële gaten werden telkens gedicht met tipgelden voor het verraden van onderduikadressen, die ook lijstenlang in de krant werden gepubliceerd om ‘ook eens een primeur te hebben’, aldus Göring in zijn memoires. Altijd maar de broer van.

In zijn memoires onthult Göring verder de ware identiteit van een bekend oudschrijver. Eén oudschrijver was een goede vriend van Göring, namelijk, de ons niet onbekende, Prins Bernhard von Lippe-Bietserfeld, die sappige seksverhaaltjes schreef onder het pseudoniem ‘Ben Hard’. Menig Duits soldaat vond in deze rubriek dé remedie tegen de toentertijd veelvoorkomende, aandoening genaamd ‘blauwe ballen’. (Verder was in die tijd Pim Pampet verbonden aan de krant, de latere uitvinder van het bekende bordspel Mens Erger Je Niet.)

Een saillant detail was dat Göring, als rabiate Jodenhater, toch een Joods gezin onderdak bood, om naar eigen zeggen, ‘een exit te hebben in het geval van een Duitse nederlaag’ en ‘om ook eens iets te neuken te hebben’. Het plan van Göring was om zijn foute gedrag na de oorlog te rechtvaardigen als ultieme dekmantel om de Joodse onderduikers op zijn zolder te beschermen. Dit gezin heeft de oorlog overigens niet overleefd, omdat Göring ze drie dagen voor de bevrijding aangaf bij de Duitse autoriteiten, aangezien hij de bui al zag hangen met een zwangere twaalfjarige dochter Anne, wier ouders hij in die jaren chanteerde met het dreigen van uitlevering.

Ontdaan van zijn exit-optie was Göring gedwongen terug naar Deutschland te vluchten met het laatste konvooi. Daar heeft hij zijn naam veranderd in Hoffheim en werd hij bekend als uitvinder en eerste slachtoffer van de SK-41 landmijn, die nog dagelijks de gedachte aan Hoffheim levend houdt in Oost-Congo. Hoffheim had de landmijnen in zijn tuin begraven om deze te testen tegen opdooi, een fenomeen dat kan ontstaan wanneer na intreden van de dooi de grond gaat verweken, doordat het dooiwater niet weg kan zakken door de ondoorlatende bevroren grond eronder. Görings vrouw had, na een echtelijke ruzie, het waarschuwingslint een meter naar achteren verplaats, om zo een einde aan het huwelijk te maken in een tijd waarin scheiden niet aan de orde was. De landmijn bleek overigens uitstekend tegen opdooi te kunnen.

De familie, die inmiddels Hoffheim heette, is, tot recent, zeer welvarend geweest door deze uitvinding, maar is vorig jaar juni weinig subtiel in de geschiedenis weggedrukt bij het bekende Love Parade drama in het Duitse Duisburg, waar kleinzoon Hermann Hoffheim als laatste drager van de nieuwe familienaam stierf. Overigens niet bij het beruchte incident, maar uren later op een afterparty aan een overdosis XTC. Als anonieme zondaar is hij het enige Love Parade slachtoffer dat niet herdacht is en niet is meegeteld bij de officiële 21 doden.

Der Groninger Studentenkrant is overigens niet opgehouden te bestaan na de oorlog, ondanks het uitgesproken foute karakter. Na het schrappen van ‘Der’ voor de naam en het vervangen van het Gotische lettertype, wist de krant zich succesvol voor te doen als verzetsblad, door op de laatste dag van de oorlog nog een anti-Duitse editie uit te brengen. Deze werd niet verspreid maar slechts opgeslagen om later als bewijs te dienen van het verzetsverleden. Dit bedrog was mogelijk omdat het gehele, 20 man tellende, lezerspubliek was gevlucht naar Deutschland en de krant verder totaal niet gelezen werd, aangezien deze in het Duits gedrukt werd in die dagen en eigenlijk alleen in Duitse kazernes werd verspreid. Door dit succesvolle bedrog wist de krant later een lucratieve subsidierelatie aan te gaan met de Stichting Verzetsbladen, gefinancierd door bezittingen van oorlogsslachtoffers zonder erfgenamen.